Jaargang 9 • Verschijnt tweewekelijks • Losse nummers € 4,90

Toet leefde tussen avontuur, chaos en gekte

door | apr 17, 2026

‘Bekorend coloriet,’ konden kunstcritici opmerken bij het karakteriseren van de olieverfschilderijen en tekeningen van Anne Marie Blaupot ten Cate (1902-2002). Naar schatting maakte ze er vierhonderd, die zijn verspreid onder erfgenamen, verkocht bij exposities, en ook zijn er terechtgekomen in musea als More, Boijmans Van Beuningen, Singer en ook Belvédère, dat tot en met 7 juni een kleine expositie heeft.

En het coloriet ís inderdaad bekorend: de zelfportretten, Balinese danseressen, mannen en vrouwen in Marokko, het Gezicht op Parijs, de collages, de wandkleden en de abstracte doeken uit de latere jaren doen een maakster vermoeden die even expressief is als beheerst.

Die indruk moet krachtig worden bijgesteld door de publicatie van de biografische schets Een onstuimig leven die Hanneke Boonstra maakte van Blaupot ten Cate, die op haar 99ste stierf in het Rosa Spier Huis in Laren. Aan onrust heeft het haar nimmer ontbroken. Haar leven kende zelfs zoveel wendingen dat het ook de biografe is gaan duizelen: Een onstuimig leven poogt een vrouw en een oeuvre in kaart te brengen, maar het onderwerp is telkens gevlogen voordat er een interpretatie is opgezet, laat staan een conclusie getrokken.

Dat geeft Boonstra’s expeditie een somtijds komisch aanzien. Anne Marie Blaupot ten Cate maakte de kunstacademie niet af, ging in 1924 naar Parijs waar ze met Mondriaan danste en met schrijver-filosoof Guy-Félix Fontenaille trouwde. Nog voordat we goed hebben begrepen wie dat is, legt Anne Marie het aan met een ander, vlucht naar Berlijn vanwege wéér iemand anders, en als ze in 1933 op Ibiza vertoeft – Waarom is ze daar? vraagt Boonstra zich hardop af – loopt ze min of meer in de armen van de Duits-joodse filosoof Walter Benjamin. Die is direct zo verrukt van haar dat ze meteen samen wandelen, vissen, zwemmen en slapen. Hij noemt haar Toet en schrijft twee liefdesgedichten ‘aan Toet ten Cate’, met regels als ‘jouw blik rolt me tegemoet als een bal’ en ‘zoals voor de eerste man de eerste vrouw was/ zo stond jij voor me’. Gelukkig had hij meer verstand van filosoferen en flaneren.

De twee experimenteren ook met hasj. Boonstra: ‘Ze noteren wat er met hen gebeurt, wat voor effect het heeft.’ O ja? En wat gebeurt er dan met hen, en welk effect heeft het? Dat horen we dan weer niet. Je zou er haast zelf onrustig van worden.

De affaire is snel voorbij, maar er ontstaat wel een vriendschap. Benjamin en Toet blijven elkaar nog twee jaar schrijven. Haar brieven zijn bewaard in het Walter Benjamin Archiv in Berlijn, die van hem heeft de zwerflustige Toet weggegooid. Boonstra: ‘Toch blijft er genoeg over om een idee te krijgen hoe hun band zich ontwikkelt en wat ze in die jaren doen. Toet bijvoorbeeld ontmoet een andere man, eentje met schrijversaspiraties. En ze trouwt met hem. Waarom? Geen idee.’ Ons wordt beloofd dat we een idee krijgen, maar dat blijkt geen idee te zijn. De scheiding van Toets tweede man wordt uitgesproken na drie jaar, zonder dat we hem (Louis Sellier) en hen voor ons hebben gezien.

Omdat Anne Marie Blaupot ten Cate schizofreen is en psychoses heeft, moet ze regelmatig in een dwangbuis naar een psychiatrische inrichting en krijgt ze daar zelfs elektroshocks. Daarna trekt ze dan weer verder met haar twee koffers met schilderspulletjes. Ze gaat naar Marokko en werkt ook op Bali, in Zwitserland, Zuid-Frankrijk, en maakt reizen naar Italië en India, Amerika, ze heeft een tijdje een atelier in Amsterdam, en zit in 1959 ook even op de Pauwhof in Wassenaar. Na de twee huwelijksdebacles is ze altijd alleen gebleven. Dat betekent dat ze ook in haar eentje ’s nachts door Rabat durfde te lopen. Boonstra: ‘En opgewekt ook nog, dankzij haar grenzeloze optimisme, de keerzijde van haar psychische medaille.’ Het lijkt erop dat Blaupot ten Cate zich ontspannen kon gedragen zolang ze niet werkte, en heel moeilijk een ander om zich heen kon hebben zodra ze zich aan haar schilderwerk overgaf.  

Maar wat het grote mysterie is, reden om de uitbundig geïllustreerde levensschets wel degelijk aan te schaffen: hoe kan het dat dit bestaan zonder enige rust in het hoofd, avontuurlijk tot op het chaotische af, van pierewaaien op de Parijse boulevards tot een maandlang liggen op een mat in een getraliede cel van het Landschapshospitaal van Bali, desondanks vierhonderd afgewogen en dikwijls indrukwekkende doeken heeft opgeleverd, in ‘bekorend coloriet’?

In haar werk had ze greep op de materie. Maar alleen daar.

Hanneke Boonstra: Anne Marie Blaupot ten Cate – Een onstuimig leven; Waanders, € 29,95

Expositie in museum Belvédère te Oranjewoud, t/m 7 juni.

PROEFABONNEMENT
4 NUMMERS VOOR € 16