Een woord dat we de komende tijd vaak zullen horen en lezen is vuurpeloton. De aanleiding kan niemand zijn ontgaan: de aankondiging van Pete Hegseth dat de executie van de moordenaar Nidal Hasan live te volgen zal zijn op internet. Pete Hegseth is de Amerikaanse minister van Defensie, hoewel hij zichzelf liever minister van Oorlog noemt. Nidal Hasan was legerpsychiater.

Op donderdag 5 november 2009 schoot Nidal Hasan op de Texaanse legerbasis Fort Hood dertien militairen dood die kort daarop zouden worden uitgezonden naar Afghanistan. Dit gebeurde om één uur ’s middags. Reden voor Hegseth om Hasan op 3 december, eveneens een donderdag, om één uur ’s middags in Fort Hood door een vuurpeloton te laten executeren. Onderliggende boodschap: oog om oog, tand om tand, wij laten niet met ons sollen.
Dat dit brute, populistische voornemen veel negatieve publiciteit zal opleveren, daar heeft de regering-Trump voorlopig lak aan.
Wie zich verdiept in de geschiedenis van het woord vuurpeloton, stuit op iets opmerkelijks: dit woord is onwaarschijnlijk vaak fout gespeld. In de databank Delpher vinden we het tussen 1880 en 2001 ruim negenduizend keer als vuurPELETON. Ik vermoed dat dit te maken heeft met de uitspraak van het tweede lid van deze samenstelling. Je zegt peleton, maar de correcte schrijfwijze is peloton. Wij namen dit woord over uit het Frans.
Volgens het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT) betekent vuurpeloton: ‘Het peloton dat aangewezen is te vuren (bijvoorbeeld bij eene militaire begrafenis); enz.’ En inderdaad, aanvankelijk vinden we het in die betekenis. In 1843 deed de Bredasche Courant verslag van de uitvaart van majoor Willem Frederik Zurich. Bij Waterloo had hij dapper gevochten tegen de Fransen, wat hem een Militaire Willems-Orde opleverde. Een van zijn oude strijdmakkers, inmiddels luitenant-kolonel, was aanwezig bij de begrafenis. ‘Eerstvermelde hoofdofficier’, schreef de Bredasche Courant, ‘kommandeerde het vuurpeloton, en deed toen de lijkstoet op de grafplaats gekomen was, eene regt hartelijke toespraak, waarin hij herinnerde, hoe de overledene als soldaat, vriend en vader steeds aller achting waardig geweest was.’
Vanaf 1872 vinden we het woord vuurpeloton in de betekenis die het WNT kennelijk onder ‘enz.’ schaart, namelijk ‘een groep soldaten die iemand doodschiet’.
De oudste vindplaats gaat overigens niet over de executie van een mens, maar van een tijger. Plaats van handeling: Tjilatjap, een havenstad aan de zuidkust van Midden-Java in Indonesië, inmiddels bekend als Cilacap. In 1872 moesten vijftig metselaars daar plotseling hun werk neerleggen omdat er in een van de loodsen een tijger was gesignaleerd. De Java-bode deed uitgebreid verslag van dit voorval. ‘Middelerwijl was het vuurpeloton […] genaderd en zou men nu trachten het beest middels een of meer kogels schadeloos te maken.’ Dat bleek nog niet zo makkelijk, want de tijger had zich verscholen in een buskruitmagazijn.
In Nederland werd de doodstraf in 1870 afgeschaft, maar voor de koloniën en het militaire strafrecht golden andere regels. En dus werd ‘den inlandschen fuselier Triman’ in 1876 op het plein achter de militaire gevangenis in Weltevreden, een voorstad van Batavia, geëxecuteerd omdat hij de bevelen van een meerdere had genegeerd. Het verslag van die executie is interessant, omdat Triman de gelegenheid aangreep voor een statement. Iets vergelijkbaars zou kunnen gebeuren bij de executie van legerpsychiater Nidal Hasan, in woord of gebaar. Bij de executie van fuselier Triman, over wie ik verder niks kon vinden, ging het zo, aldus de Java-bode:
‘Nadat de man was voorgebracht, sprak hij eenige woorden tot het vuurpeloton, verzocht de manschappen goed te willen aanleggen, hem in de borst te treffen en te trachten vooral zijn hoofd niet te kwetsen; opende daarop zijn uniformjas, en knielde neder in een werkelijk fiere houding die evenmin van vrees als van kleinmoedigheid getuigde. Een oogenblik later vielen, nadat de man was geblinddoekt, de schoten, en was aan de eischen van het militair recht voldaan.’
Fuselier Triman knielde. Deed hij dit uit zichzelf of werd hij daartoe gedwongen? En hoe ging dat bij andere executies? Interessant is dat majoor A.V.L. Barré hier in 1894 iets over schreef in zijn boek Het militair strafrecht in Nederlandsch–Indië. Daarin stelt hij: ‘Waarom de veroordeelde in knielende houding de straf moet ondergaan is niet duidelijk; en hoe nu wanneer de veroordeelde weigert te knielen? Zal men hem daartoe met geweld dwingen? Maar hoe zou dat overeen te brengen zijn met den ernst en de plechtigheid, welke bij een capitale executie moeten heerschen?’
Ook zoiets zou zich kunnen voordoen bij de executie van Nidal Hasan, met desastreuze publicitaire gevolgen voor mannetjesputter Pete Hegseth.
Overigens heeft majoor Barré het in zijn boek over een executiepeloton in plaats van over een vuurpeloton. Het woord executiepeloton kwam vanaf 1871 in zwang, mogelijk onder invloed van het Franse peloton d’exécution, dat in hetzelfde jaar debuteerde. Zoals gezegd is peloton van oorsprong een Frans woord. De oorspronkelijke betekenis is ‘kluwentje, balletje, zwerm (bijen)’, maar die onschuldige betekenissen moesten al snel plaatsmaken voor de militaire toepassing: ‘kleine militaire eenheid’. Een eenheid die onder meer kan worden ingezet om iemand voor het oog van de wereld dood te schieten.
