Het is een jaarlijks weerkerend ritueel: de nukkige reacties op de verkiezing van de Nederlandse film die mag meedingen naar een Academy Award, ofwel de Oscar. Vaak blijft het bij wat gemopper; soms schiet het ongenoegen door naar een hoger volume. Zoals bij regisseur Mike van Diem, die onlangs ‘een brandbrief’ stuurde naar SEE NL, de organisatie die de Nederlandse film in het buitenland promoot en verantwoordelijk is voor de Oscar-inzending. Van Diem is het volstrekt oneens met de keuze voor de documentaire Paikar van de Afghaans-Nederlandse Dawood Hilmandi. Niks mis met de film zelf, maar wel met de categorie, volgens Van Diem, wiens gezinsdrama Voor de meisjes zodoende buiten de boot valt. De Nederlandse speelfilm, toch al mondjesmaat aanwezig op internationale podia, is alweer een kans op de rode loper ontnomen.

De kwestie-Paikar is niet uniek. Zo kopt De Telegraaf in november 1980: ‘Waarom saboteert ministerie Spetters voor Oscarverkiezing?’ Til Gardeniers, minister van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk, heeft het advies gevolgd van de Nederlandse Vereniging van Beroepsfilmers die de keus liet vallen op Opname, een voor de Vara-televisie gemaakte Werkteaterproductie. Een groep dissidenten uit de filmwereld komt onder aanvoering van Spetters-regisseur Paul Verhoeven in verzet. Een ambtenaar op het ministerie van CRM zou een privé-oorlog tegen Verhoeven voeren, resulterend in een onversneden boycot van zijn film. Verhoeven: “Men neemt een beslissing waartoe men niet gerechtigd is.” De beslissing blijft ongewijzigd.
Het jaar daarop is het weer raak. Casus belli is de door CRM naar voren geschoven kandidaat Het teken van het beest van regisseur Pieter Verhoeff. Zes benadeelde filmmakers wijzen erop dat de film is uitgebracht vóór het openen van de termijn voor inzendingen. Daarnaast blijken twee commissieleden betrokken te zijn bij de film. Exit Het teken van het beest. Comeback, het speelfilmdebuut van Jonne Severijn, mag het vervolgens proberen bij de Academy. Met evenveel succes als Opname: geen.
Door naar oktober 2009. De selectie van The Silent Army van Jean van de Velde, troetelproject van Warchild-ambassadeur Marco Borsato, zet kwaad bloed bij de producenten van Oorlogswinter en De storm, die met een kort geding dreigen. De film is een hermontage van het eerder uitgebrachte Wit licht en zou bovendien te veel Engelstalige dialoog bevatten. “Waarom bellen ze mij niet in plaats van een advocaat?” laat een getergde Van de Velde weten. Ingrijpen van de Academy zelf maakt verdere discussie overbodig: de gehermonteerde film wordt geweigerd. Helaas zit er voor het wel geaccepteerde Oorlogswinter van Martin Koolhoven geen nominatie in.
Van Mike van Diem mag worden aangenomen dat zijn protest niet (alleen) door kinnesinne is ingegeven. Hij heeft al twee Oscarbeeldjes in de kast staan; een voor Alaska, zijn afstudeerfilm uit 1989, en een voor Karakter uit 1997. En met drie Gouden Kalveren en ruim driehonderdduizend bioscoopbezoekers voor Voor de meisjes kan hij dik tevreden zijn.
Dat SEE NL op haar keuze zal terugkomen, lijkt onwaarschijnlijk. Duimen dan maar dat Paikar de Academyleden van de sokken zal blazen.
