Van het door Ernst Busch met gebalde vuisten en trefzeker agitproptimbre gezongen Der heimliche Aufmarsch (1926) wordt al honderd jaar beweerd dat ‘het aan actualiteit niets heeft ingeboet’. ‘Es geht durch die Welt ein Geflüster. Arbeiter, hörst du es nicht? Das sind die Stimmen der Kriegsminister. Arbeiter, hörst du es nicht?’ Het gefluister over oorlog waar volgens het lied in de jaren twintig sprake van was, zou Europa een decennium later inderdaad in brand zetten. Alleen pakten ze het toen anders aan dan tegenwoordig. Moderne staatsmannen en bewindslieden fluisteren niet over hun drones en raketten, ze drukken gewoon op een knop. Nation und Rasse zijn nog steeds drijfveren van belang, wat dat betreft is er sinds 1926 weinig nieuws onder de zon.

De heimelijke opmars waarover Busch zong, begon als gedicht van Erich Weinert op de poëziepagina van dagblad Die Welt am Abend. Pas drie jaar later kwam componist Vladimir Vogel op het idee de versregels op muziek te zetten. Hoe dat klonk, lieten bariton Lieuwe Visser en pianist Gerard Bouwhuis in 1991 horen in het VPRO-programma Reiziger in Muziek. Vogel had een deftige, plechtstatige hymne gecomponeerd. Prachtig natuurlijk, maar pas nadat Hanns Eisler de melodie in 1938 had gearrangeerd voor groot orkest, arbeiderskoor en voorzanger Ernst Busch, ontstond de pittige strijdmars die tot op de dag van vandaag doorgaat voor een gouwe ouwe op de socialistische hitparade.
De favoriete uitvoering van de vele versies die op YouTube circuleren, voorziet in onversneden rode romantiek uit de oude doos. We zien een hoge fabriekshal met dampende machines. Tientallen arbeiders staan in het gelid, overwegend vijftigplussers, bezweet, de met smeerolie besmeurde koppen bedekt met hoofddeksels. De mannen stralen strijdlust en politiek bewustzijn uit. Al in de eerste maten pookt de muzikale intro een onheilspellend sfeertje op. Er hangt dreiging in de lucht. Dan verschijnt op een projectiescherm in de hal het hoofd van Busch, die zich als loonslaaf heeft vermomd. De werklui zingen zijn refrein uit volle borst mee. ‘Arbeiter, Bauern, nehmt die Gewehre zu Hand! Zerschlagt die faschistischen Räuberheere, setzt alle Herzen in Brand!’
De tekst werd in de loop van tijd herhaaldelijk aangepast, om te beginnen door Ernst Busch zelf. De oerversie repte van Mobilmachung gegen die Sowjetunion, maar dat kon geschrapt zodra het gevaar van mobilisatie vanwege een imperialistische invasie was geweken. Even meedogenloos sneuvelde de frase ‘Der Überfall auf die Sowjet-union steht im Marschplan zur Rettung der Reaktion.’
Het lied werd geschreven voordat de kernsplitsing was ontdekt (1938), maar tekstdichter Weinert voegde achteraf gebiedende wijs meervoud toe toen daartoe aanleiding was: ‘Entreißt die Atome den Militaristen/ Eh’ alle Länder in Brand!’ (Ruk de atomen uit de handen van de militaristen, voordat alle landen in vlammen opgaan.)
De Heimliche Aufmarsch is op internet in alle denkbare toon- en maatsoorten beschikbaar. Liefhebbers van luidruchtige techno-trio’s, tuttige kamerensembles of militante koorzang komen allen aan hun trekken. Het keuzemenu voorziet in Duits, Russisch, Engels, Nederlands, Pashto, Koreaans, Zweeds, Esperanto en Noors. Vrijmoedige nieuwe berijmingen van het lied verplaatsen de oorzaak van het kanongebulder naar de Navo, de Verenigde Staten of Rusland.
Het Liedboek van de strijd (1980), ‘samengesteld uit het Landelijk Archief van Progressieve Koren en Muziekgroepen’, verschaft twee vertalingen van de heimelijke opmars. Busch zingt: Der Krieg der jetzt durch die Länder geht, ist der Krieg gegen dich, Prolet. Het woord ‘proleet’ geldt in hedendaags Nederlands niet als een aanbeveling, daar zijn de tolken Piet Bossers en Erik Meyer het over eens. Bossers maakt ervan: ‘De oorlog die ginds de mensheid schaadt, is gericht tegen jou, kameraad.’ En Meyer: ‘De samenzwering waar het hen om gaat, is gericht tegen jou, kameraad.’
