Jaargang 10 • Verschijnt tweewekelijks • Losse nummers € 4,90

De paus is niet los verkrijgbaar

door | jun 26, 2026

Het is een opmerkelijk bericht, een domineeszoon die tot priester gewijd wordt. Het Nederlands Dagblad interviewde de 38-jarige Bastiaan van Rooijen, die al als jonge twintiger in de ban van Rome raakte, waar hij via een studentenuitwisseling een jaar woonde. En nu, na een theologiestudie, mag hij het priesterlijke gewaad aantrekken. Het roept de vraag op hoe het nu staat met de verhouding katholiek-protestant.

Hoeveel protestanten katholiek worden, of omgekeerd, wordt in de statistieken niet apart geregistreerd. In 2024 bekeerden 630 volwassenen zich tot de roomse kerk, maar wat hun geestelijke achtergrond was, is onbekend. Zeker is dat het aantal mensen dat de kerk achter zich laat vele malen groter is dan het aantal nieuwelingen dat binnentreedt.

Weinig uitwisseling tussen de kerkgenootschappen, maar er is wel een voorzichtige poging tot toenadering onder theologen. In 2017 richtten theologen van beide kerken het Platform Rome-Reformatie op omdat de ‘breuk na ruim vijfhonderd jaar niet als vanzelfsprekend mag worden beschouwd’. Hun manifest is gesteld in nederige, haast weeïge gevoelens van schuldbesef dat men al vijfhonderd jaar ‘tegen de wil van de Heer in’ leeft, dat het tijd wordt dat de verscheurde kerk ‘haar eenheid mag vinden in Christus’ en dat de nieuwe kerk ‘in het krachtenveld van de Heilige Geest de gaven heeft die zij in dit tijdsgewricht nodig heeft’. In gewoon Nederlands: de kerken lopen leeg, hebben een slecht imago, het christendom marginaliseert, laten we de handen ineenslaan en kijken of we het tij kunnen keren. Maar vijf eeuwen ruzie veeg je niet zomaar van tafel.

Zolang de orthodox-protestanten blijven vasthouden aan de Heidelberger Catechismus, waarin de paapse mis als vervloekte afgoderij wordt omschreven, valt een deel van de erfgenamen van de Reformatie al af. Bovendien gaan zij heel gereformeerd verder met splitsen; in de Christelijk Gereformeerde Kerken is de positie van de vrouw nu de splijtzwam.

De protestantse theologen die zich bij het Platform hebben aangesloten, zijn allen verbonden aan de PKN, het grootste protestantse kerkgenootschap in Nederland. Hoe zien zij de samenwerking dan wel het samengaan met Rome? De hoop is gericht op de lokale samenwerkingsverbanden tussen uiteenlopende religies, dus ook met evangelischen en baptisten. Zowel in de grote steden als in dorpen ontstaan deze ‘stadsnetwerken’, waarin de onderlinge verschillen geminimaliseerd worden en het wederzijds begrip groeit. Veel van die netwerken zijn rond sociaal of cultureel werk georganiseerd. Maar nieuw is dit niet, oecumenische samenwerking bestaat al decennia en heeft geen merkbare invloed gehad op een kerkelijk samengaan.

De bisschop van Den Bosch, Gerard de Korte, pleit voor een meer zichtbare eenheid tussen beide kerken, een verenigde kerk waarbinnen ook ruimte is voor de protestantse liturgie. Hij wijst daarbij naar de oosterse kerken, die hun eigen liturgie en kerkorde behouden met erkenning van de paus ‘als herder der herders’. In vertaling: herder voor alle christenen. Dit voorstel is een sympathieke opening naar de protestanten, ondanks dat uit de orthodoxe hoek direct afwijzingen kwamen.

Maar er zat een addertje onder het gras. Voor De Korte blijft de paus verbonden aan het episcopale systeem van de katholieke kerk. Erkenning van het bisschopsambt en de daaruit voortvloeiende episcopale traditie die bisschoppen het hoogste ambt toekent, blijft cruciaal. Met andere woorden: de paus is niet los verkrijgbaar. Voor de protestanten met hun gedecentraliseerde kerkelijke structuur is dat natuurlijk onbespreekbaar.

Een andere hobbel vormt de liturgie. Er zijn nogal wat verschillen tussen de katholieke eucharistieviering en de protestantse eredienst. Zou het mogelijk zijn de laatste zo aan te passen dat het voor de rooms-katholieke kerk aanvaardbaar is? In de discussie hierover kwam onmiddellijk venijnige kritiek: ‘Het lijkt wel alsof de verloren zoon voortaan in een blokhut op het weiland van zijn vader mag wonen.’ Maar gezien de getalsmatige verhoudingen tussen beide kerken kan ook niet verwacht worden dat de verloren zoon het gehele paleis van zijn vader gaat verbouwen.

Al met al staat het welwillende Platform Rome-Reformatie aan de vooravond van het tweede lustrum met lege handen. Het lek is niet boven water. Al denkend, pratend en discussiërend druppelen de kerken verder leeg, geen idealisme blijkt hiertegen bestand. Vijf eeuwen van onenigheid zijn niet snel overbrugbaar.

PROEFABONNEMENT
4 NUMMERS VOOR € 16