Avondvierdaagse
Het is maandagavond, net na het Achtuurjournaal, wanneer ik een appje krijg. ‘Ik kom zo even langs.’ Het bericht is afkomstig van een moeder die ik niet persoonlijk ken, maar die in de organisatie zit van de Avondvierdaagse. Morgenavond beman ik met een andere vrijwilliger het limonadekraampje tijdens het evenement, waar honderden basisschoolkinderen aan meedoen.

Weken geleden heb ik me opgegeven om te helpen. Omdat ik geboren ben met slechte heupen, kan ik nooit meedoen aan het lopen. Door me op te werpen als limonadeschenker kan ik onze dochters toch zien.
Een half uur later gaat de bel. De vrouw die op de stoep staat, ken ik niet. “Heb je een achterom?” vraagt ze, terwijl ze mijn smalle halletje bekijkt. Ik knik.
Wanneer ik de poort aan de zijkant van ons huis open doe, staat ze al met een open achterbak half op de stoep. “Help je even mee?” Het klinkt niet als een vraag. Ze is al aan het sjouwen en draagt een grote witte ton mijn garage binnen. In de auto staat er nog een. “Pas op, een van de twee limonadetonnen lekt,” roept ze.
Uit de auto komen kratten vol boodschappen, twintig thermosflessen, vuilniszakken en vlaggen met het logo van de basisschool. Als laatste volgt, zo vermoed ik, een partytent. Ook ingeklapt is het een enorm gevaarte. “Ik weet niet zeker of dit allemaal gaat passen,” zeg ik. De vrouw sjort een van onze fietsen aan de kant. “Jawel hoor, kijk maar. Met gemak.”
Als er niets meer getild hoeft te worden, klapt ze tevreden in haar handen. “Zo, dit was het wel. Fijn als je morgenmiddag alvast de twintig thermosflessen vult met kokend water.” Ik kijk naar de berg met spullen. “Ik kom morgen op de fiets, direct uit mijn werk. Het is wel fijn als ik dit van tevoren had geweten.” Haar wenkbrauwen gaan omhoog. “Maar jij hebt toch ook helemaal niets gevraagd?”
Voordat ik iets kan zeggen, haalt ze uit haar achterzak een smartphone. “Even kijken: jullie staan langs de route van de tien kilometer.” Ik kijk naar haar scherm. “Zie ik dan de kinderen die een kortere afstand lopen ook?” Onze dochters lopen de vijf. Ze zucht. “Nee, want jij doet de tien. Dat zeg ik net.”
Ik sputter een beetje en zeg iets over slechte heupen en een drukke week en dat ik de meiden al zo weinig zie. Ze slaat haar armen over elkaar. “Volgens mij hebben we ouders nodig op onze school die gewoon helpen, omdat ze het belangrijk vinden, niet om hun eigen kinderen te zien.”
Eerdere gratis artikelen:
Gemummificeerd echtpaar nog steeds in gesprek
Tijdens mijn eerste bezoek aan Italië, onheuglijk lang geleden, werd ik vooral getroffen door de onmiskenbaar necrofiele kanten van het katholicisme daar. Voor mij, als doopsgezinde domineeszoon, was de roomse uitbundigheid bij ons al verbazingwekkend, terwijl die na...
De puber onder de groenten
Een groente die nu nog is vergeten, kan het wel schudden. Rabarber is de dans ontsprongen. Ternauwernood, rabarber dreigde langzaam weg te zakken in vergetelheid. In de jaren vijftig behoort rabarber nog tot het vaste repertoire in de Nederlandse huiselijke keuken,...
Pisvlek
Op de voorpagina van De Telegraaf las ik onlangs het bericht over een Amerikaanse man die zijn verzekering probeerde op te lichten met het schokkende verhaal dat een beer een grote ravage had aangericht in zijn garage. Bij nadere bestudering van de camerabeelden bleek...
Na zijn dood die vertrouwde stem weer eens horen
Kunstenaar Daniel Slats reactiveert via een computerprogramma de stem van zijn overleden vader. ‘Hij liet me weten dat hij trots op me is.’ Als de verslaggever een telefoonhoorn in handen wordt gedrukt, hoort hij aan de andere kant van de lijn een bekende stem: “Met...
Israël dreigt religieuze staat te worden
Mijn seculiere zoon is strafrechter in Israël. Dat is op zichzelf geen opzienbarend feit. Behalve dat een strenge selectie aan zijn benoeming vooraf is gegaan. Niemand heeft hem daarbij gevraagd of hij zich aan de strenge halachische sabbatwetten houdt of voor, of...
De oorlog is gericht tegen jou, kameraad
Van het door Ernst Busch met gebalde vuisten en trefzeker agitproptimbre gezongen Der heimliche Aufmarsch (1926) wordt al honderd jaar beweerd dat ‘het aan actualiteit niets heeft ingeboet’. ‘Es geht durch die Welt ein Geflüster. Arbeiter, hörst du es nicht? Das sind...
De Jankende Zusjes
De weg naar huis vanaf de kleuterschool in de Palmstraat ging langs het café op de hoek van de Brouwersgracht en dan de Lindengracht op. Daar stond een huis met een houten trap waar soms vrouwen zaten te kletsen. Bovenaan de trap stonden de deur en het raam wijd open....
Een manische interesse voor dichter Max de Jong (en Neeltje)
Als Bob Polak zich in een onderwerp vastbijt, laat hij niet los voordat hij er alles van weet. Noem het obsessief. Zijn belangstelling voor de dichter Max de Jong komt onder meer tot uitdrukking in zijn voorzitterschap (weliswaar a.i.) van het Max de Jong Genootschap...
Reve coachte Jan Donkers op het voetbalveld
‘Medeoprichter’ van een studentendispuut is de onlangs overleden Jan Donkers genoemd in een van de advertenties. Je kunt, in communistisch jargon, ook zeggen: scheurmaker. Begin 1963 krijgt de student sociologie Donkers (1943) in de Amsterdamse non-conformistische...
Prijsvraag: Evenwichtige types in Gorinchem
“Er gebeuren wel vaker gekke dingen in Gorinchem, je went eraan,” citeerde NRC inwoner Hennie Slijkoort op 29 april bij de uitslagenavond in het stemmenronselstadje. Wij vroegen u de uitslag van de herverkiezing te voorspellen. Menigeen hield wel van een gokje. En wie...
